Kampioenen van Oranje: Jan Frank Bakker
‘Vroeger was alles beter,’ zegt men wel eens. Je zou niet denken dat dit voor de motorsport ook geldt. Nieuwe technologieën maken de machines steeds beter en sneller. Toch zijn er nog steeds coureurs die met heimwee terug kijken naar vroeger. Coureurs met klassiek bloed in de aderen.
Jan Frank Bakker (foto: Rick Jansen)
Jan Frank Bakker is zo’n coureur die zowat zijn hele carrière heeft verbonden aan de Classic klasse. een klasse die bestaat uit replica modellen van de racemotoren van vele jaren geleden. Er kan gereden worden met 500cc, 350cc of 250cc machines, maar alle machines strijden tegen elkaar.
Bakker pakte dit jaar in Oss zijn vijfde Nederlandse titel en dat mag toch bijzonder genoemd worden. Hij is, zoals hij zelf zegt, geboren met klassiek bloed in zijn aderen.
“In 1996 ben ik op negentienjarige leeftijd begonnen bij de Battle of the Twins. Ik hou van de tweecilinders en daardoor was dit mijn favoriete klasse. Tussendoor reed ik dan Classics, maar ook wel Supermono, 250cc en zelfs Supersport 600.”
De Battle of the Twins hield op gegeven moment op te bestaan waardoor Bakker werd gedwongen in een andere klasse te gaan rijden. Op initiatief van zijn vader is hij toen begonnen met het berijden van klassieke motoren. In huize Bakker gold het principe van ‘zo vader zo zoon’ maar ook van ‘zo zoon zo vader.’
“Mijn vader had een machine gekocht bij de Appingedamse BSA Fabriek. Hij reed daarmee voornamelijk ‘rondjes om de kerk’ bij de HMV. Ik mocht die machine een keer lenen om met een KNMV wedstrijd mee te doen en in die wedstrijd werd ik gelijk derde. Het jaar daarna hebben we een nieuwe machine laten bouwen en daar zijn we toen samen mee gaan rijden. “
Het woordje ‘we’ in zijn quote verraad dat ook zijn vader Bernhard Bakker sinds die tijd actief is in de Classic klasse, en dat is uniek in het ONK dat vader en zoon in het zelfde jaar tegen elkaar strijden voor de titel. De titel die Jan Frank in het jaar 2000 voor het eerst verzegelde. Tot op de dag van vandaag geld dit als zijn mooiste titel uit zijn vijftienjarige loopbaan.
“Alle titels die je haalt zijn mooi, maar de eerste keer dat je kampioen wordt is toch wel extra speciaal.”