We kennen Jurgen van den Goorbergh tegenwoordig allemaal van het WK Supersport 600 en voorheen als coureur in de 500cc/MotoGP. Jurgen startte zijn GP-carriˆ¬re echter in de 250cc klasse. In deze klasse behaalde Van den Goorbergh ook zijn beste resultaat in de GPÕs en wel tijdens de Dutch TT. In 1996 eindigde Jurgen met zijn ÔgewoneÕ productieracer van Honda op een vierde plek en plaatste zich daarmee tussen de gevestigde orde op de fabrieksmachines. Een prestatie van formaat.

Tijdens de trainingen had Jurgen al blijk gegeven van het feit, dat hij goed in zijn fel zat op het circuit van Assen door zich op de eerste startrij te kwalificeren met een vierde trainingstijd. Heel motorliefhebbend Nederland dacht direct weer terug aan de tijden van Hartog, Middelburg en Van Dulmen en hoopte nu dat Van den Goorbergh als Nederlander weer eens op het podium zou kunnen eindigen.

Olivier Jacque was tijdens de trainingen de snelste gebleken en bij het verspringen van het licht is de Fransman ook als snelste weg, gevolgd door een grote groep van mede-Honda-rijders in de vorm van de Duitse HB-rijders Ralf Waldmann en Jurgen Fuchs, de Japanner Tohru Ukawa, JacqueÕs teamgenoot Jean-Philippe Ruggia en Van den Goorbergh, die zich op een zesde plaats bevindt in de beginfase van de wedstrijd.
In de 1e ronde van de race neemt Waldmann de leiding van Jacque al over en in de GT-bocht wordt Jacque zelfs terugverwezen naar een derde plaats door Fuchs. Ruggia volgt knap op een vierde positie en de twee Duitsers van het HB Honda Germany Team rijden samen met de twee Franzosen van het Chesterfield Elf Tech 3 Team direct al weg van de rest van het veld.

Max Biaggi, de regerend-wereldkampioen die in 1994 en 1995 ook al op Assen gewonnen heeft in de 250cc klasse, heeft de slag bij de start duidelijk gemist en voert nu op een vijfde plek de tweede groep aan, waar Van den Goorbergh ook deel van uitmaakt. Naast de Italiaan en de Nederlander bevinden ook Luis DÕAntin, Tohru Ukawa, Nobuatsu Aoki, Eskil Suter en Roberto Locatelli zich in deze groep.
Aan de kop van de wedstrijd gaat de strijd om de eerste plek ondertussen gewoon door. Waldmann en Jacque wisselen constant van positie met elkaar en strijden om de koppositie en na een rondje of vier gereden te hebben, lijkt de kopgroep zich op te splitsen in twee groepjes. Waldmann en Jacque rijden weg ten opzichte van hun teamgenoten Fuchs en Ruggia en daarmee ontstaan er twee Duits/Franse kopgroepjes. Biaggi rijdt inmiddels vrij eenzaam op een vijfde plek en probeert het gat naar de leiders te dichten, maar dat bedraagt na zes ronden al bijna zeven seconden. Jurgen is ondertussen teruggezakt naar een achtste positie, maar heeft zich stevig in de achtervolgende groep genesteld.

Bij het ingaan van de 7e ronde heeft Jacque de leiding in handen, maar wordt hij op de Veenslang gepasseerd door Waldmann. Een ronde later doet Jacque precies hetzelfde bij Waldmann om opnieuw de koppositie over te nemen. Fuchs rijdt op een derde positie en wordt op de voet gevolgd door Ruggia, maar de Fransman komt niet bij de Duitser langszij. Biaggi ligt nog steeds eenzaam en alleen op een vijfde plek op een ruime achterstand.
In de 9e ronde van de race is Van den Goorbergh er weer in geslaagd de leiding van de achtervolgende groep te pakken en hij wordt op de hielen gezeten door DÕAntin, Ukawa, Suter, Aoki en Locatelli, jongens die allemaal op relatief beter materiaal rijden dan de man uit Breda. Een rondje later, de 10e ronde heeft Waldmann inmiddels de leiding weer in handen gekregen.

Biaggi slaagt er niet in het gat naar de vier rijders voor hem te dichten. Het gat wordt zelfs alleen maar groter, want na 11 ronden gereden te hebben, bedraagt het verschil met leider Jacque, die in het knikje voor de Bult Waldmann weer gepasseerd is, zoÕn 11 seconden. Tijdens de trainingen is de Italiaanse Aprilia-rijder er echter hard afgestuiterd en hij rijdt nu met veel pijn aan zijn rug rond over het circuit van Assen, waardoor de vijfde positie van dat moment niet onverdienstelijk is.
Van den Goorbergh heeft zich, liggend nog steeds op een knappe zesde plaats, iets los gereden van zijn directe belagers en lijkt daarmee af te stevenen op een evenaring van de prestatie in 1995, toen Jurgen ook zesde werd tijdens de Dutch TT.

Nadat Jacque in de elfde ronde dus weer de koppositie van Waldmann heeft overgenomen, slaat de jeugdige Fransman direct een gaatje ten opzichte van de al wat oudere Waldmann. De hele race bestaat er echter al grote onzekerheid over het feit of het wel droog blijft en na zoÕn 12 ronden gereden te hebben, begint het iets te druppelen. Of het ook daadwerkelijk de oorzaak is van de crash van Jacque, die in de 13e ronde van de race zijn Honda onderuit trekt in de Noordlus van het circuit, is niet duidelijk, maar liggend aan de leiding met een kleine voorsprong kan Olivier het hoofd niet erg lang koel houden.
Met de val van Jacque is de strijd voor de overwinning gestreden als Waldmann verder geen gekke dingen doet en niet met de pechduivel in aanraking komt. Het gevecht om de tweede positie is echter nog wel interessant, totdat in de 15e ronde ook Ruggia ten val komt. Bij het insturen van de Haarbocht breekt zijn achterwiel door een vastloper weg en Jean-Philippe komt onaangenaam in aanraking met het Assense asfalt.

Tijdens de laatste drie ronden van de race is het voor de eerste vier rijders, Waldmann, Fuchs, Biaggi en Van den Goorbergh, gewoon nog een kwestie van consolideren. Waldmann ligt riant aan kop en Fuchs, Biaggi en Van den Goorbergh worden alle drie niet meer echt bedreigd en maken tevens geen aanspraak meer op een betere klassering.
In het kleine peloton achter Van den Goorbergh is de strijd echter nog niet helemaal gestreden. Nadat Locatelli een aantal ronden eerder lelijk gevallen is bij het uitkomen van de GT-bocht, valt Ukawa anderhalve ronde voor het einde van de race op topsnelheid van zijn machine op de Veenslang. De onbemande machine blijft overeind en schiet zonder vaart te minderen rechtdoor. Ukawa tolt een aantal keer over het asfalt en zijn collegae motorcoureurs weten wonder boven wonder de Japanner te omzeilen en Ukawa komt er zonder grote kleerscheuren van af.
De twee Duitsers vooraan, Biaggi en Van Den Goorbergh doen geen onverwachte dingen meer en rijden in deze volgorde naar de finish toe. Waldmann heeft na 18 ronden gereden te hebben over de Drentse hei een voorsprong opgebouwd van meer dan 16 seconden ten opzichte van zijn teamgenoot Fuchs en Biaggi finisht als derde op meer dan 20 seconden achter de winnaar.
Jurgen eindigt als vierde met een achterstand van slechts 28 seconden. Deze vierde plaats betekent de beste klassering van Van den Goorbergh in de GPÕs op dat moment. Uiteindelijk zal blijken dat deze vierde plek op Assen in 1996 ook zijn beste resultaat in de GPÕs zou blijven. Eskil Suter finisht achter Jurgen als vijfde voor Luis DÕAntin en Nobuatsu Aoki.

De overwinning op Assen betekent voor Waldmann zijn eerste overwinning van het seizoen. Ook voor Jurgen Fuchs blijkt de tweede plek in Assen zijn beste prestatie van dat seizoen te zijn. Het HB-team kan terecht blij zijn met deze dubbelzege van zijn twee coureurs. Biaggi zal gemengde gevoelens gehad hebben bij zijn derde plek. Het is de slechtste prestatie van Biaggi op dat moment in 1996, maar aan de andere kant zal de Italiaan blij geweest zijn met opnieuw een podiumplaats ondanks zijn rugblessure.
Max wordt in 1996 voor de derde achtereenvolgende keer wereldkampioen in de 250cc klasse en hij zou deze prestatie in 1997 nog een keer herhalen. Van den Goorbergh eindigt in 1996 op een elfde positie in de eindstand en maakt het jaar daarop de overstap naar de 500cc, waar hij in Assen zijn Honda opnieuw op de eerste startrij weet te kwalificeren.

Tekst: Asse Klein, asse@racesport.nl
Bron foto: www.vdgoorbergh.com, gemaakt door Ton Jansen