Na pech bij de vorige races op Assen in het EK Supermono stond dit weekend het meest noordelijke circuit op het programma.

Donderdag zijn we afgereisd naar Eemshaven om vrijdag te strijden in de Superstock en zaterdag en zondag op de Supermono te racen.

Vrijdag de 1e training op de Superstock, alles voelde erg goed aan en Rob stond dan ook op een voorlopige 10 startplek met zeker de mogelijkheid om verder naar voren te gaan, dit moest de 2e training gaan gebeuren. Helaas is er in de klasse die voor Rob rijdt een ernstig ongeval waardoor de 2e training in 1e instantie wordt verlaat met een half uur.

Later blijkt dat een van de coureurs op het rechte stuk zijn remblokken is verloren en bij de eerst volgende bocht rechtdoor is geschoten, dit alles met een dodelijke afloop. Uiteindelijk is door de coureurs en organisatie besloten om alle races van de vrijdag af te gelasten…. Rob heeft op de Superstock dus ook geen wedstrijd verreden door deze tragische gebeurtenis.

Dan moet het maar op de Supermono gebeuren, zaterdag zijn er 2 kwalificatietrainingen en zondag is er een warming-up en uiteraard de wedstrijd. Training 1 verloopt zeer voorspoedig en Rob staat met een keurige 1.45 op de voorlopige pole position. Het gat naar de nummer 2 is ook meer dan een seconde en dit biedt natuurlijk de nodige kansen voor de wedstrijd van morgen.

Training 2 is, in tegenstelling tot training 1, op een volledig droge baan en Rob weet zijn 1e plaats te verdedigen en zijn tijd te verbeteren naar een 1.41. De verwachtingen zijn hooggespannen voor de wedstrijd, want Rob heeft alle kans om deze wedstrijd te gaan winnen en de broodnodige 25 punten bij te gaan schrijven.

Helaas is het geluk weer niet aan Rob zijn zijde, na 3 rondes moet Rob zijn motor in de pitstraat parkeren met remproblemen. We kunnen eigenlijk concluderen dat Rob door WEER een mechanisch probleem een zeker lijkende zege door de vingers zag glippen.

Het is erg frustrerend dat je kan zien dat alles met stappen vooruit gaat, dat ook de snelheid zeker aanwezig is, maar dat op het "moment supreme" het nodige geluk ontbreekt. We kunnen weer zeggen: volgende keer beter, maar dat hebben we gevoelsmatig al weer een beetje te veel moeten zeggen, het is wachten tot het tij keert en we eindelijk een keer de goede kant van de medaille mogen staan.